Armoede blijft een urgent thema. In 2023 leefden 540 000 mensen onder de armoedegrens. Dat is 3,1 % van de bevolking. Het totale aantal daalde naar circa 510 000 in 2025, maar de intensiteit van armoede neemt toe. Hoe kunnen gemeenten hun beleid zo vormgeven dat zowel de omvang als de hardnekkigheid van armoede effectief wordt aangepakt?
Op wie moeten we ons focussen?
Voorheen viel armoede vooral onder groepen die gemeenten al goed kennen, zoals mensen met een uitkering. Zij profiteerden van hogere lonen en verbeterde koopkrachtmaatregelen. Nu vallen werkenden en zelfstandigen zonder personeel vaker onder de armoedegrens. Voor hen is het risico op financiële tekorten groter en de toegang tot regelingen vaak ingewikkeld. Daarnaast blijven groepen als dak- en thuislozen of ongedocumenteerde mensen grotendeels onzichtbaar in de statistieken.
Bijna de helft van de mensen in armoede heeft kinderen. Armoede beperkt hun kansen op onderwijs, sport en sociale ontwikkeling en vergroot het risico op dak- en thuisloosheid in hun latere leven.
Werkenden en zelfstandigen in armoede
Werkenden met een laag inkomen maken minder gebruik van inkomensondersteuning dan mensen met een uitkering, omdat toeslagen vaak complex zijn. Eén op de tien benut zijn financiële rechten niet. Veel gemeenten en landelijke instanties proberen te reageren met gerichte campagnes, informeren werkgevers, scholen en zorgverleners over signalen van financiële problemen. Voor zelfstandigen proberen ze hulp sneller en vroegtijdige aan te bieden bij beginnende schulden.
Kinderen en jongeren in armoede
Opgroeien in armoede betekent meer dan een financieel tekort: het beperkt kansen op vrijwel alle levensdomeinen, van onderwijs tot sociale ontwikkeling. Jongeren zijn extra kwetsbaar door een laag of wisselend inkomen en lopen daardoor, in combinatie met schulden, bovendien een groter risico om dak- en thuisloos te raken. Daarbij krijgen jongeren te maken met financiële veranderingen, zoals het zelf moeten betalen van bepaalde kosten op het moment dat ze 18 jaar worden. Voor hen is vroegtijdig informeren en laagdrempelige ondersteuning cruciaal.
Landelijke aanpak tegen armoede
Het kabinet zet met het Nationaal Programma Armoede en Schulden (NPAS) in op preventie en ondersteuning. Van het voorkomen van kinderarmoede tot het beperken van de langetermijneffecten van schulden. Drie uitgangspunten staan centraal:
- Kleine vorderingen moeten klein blijven.
- Mensen met schulden moeten overzicht houden over hun financiële situatie.
- Snelle en toegankelijke schuldhulpverlening is beschikbaar.
Hoe wij gemeenten ondersteunen bij armoedebeleid
Haute Equipe helpt gemeenten bij het vertalen van landelijke richtlijnen naar lokaal beleid. Denk bijvoorbeeld aan het vereenvoudigen van regelingen en het inzetten van preventieve schuldhulp. Of het vergroten van het bereik onder werkenden en jongeren. Met de kennis van onze adviseurs uit het sociaal domein zorgen we dat bestaanszekerheid niet alleen een beleidsdoel blijft en daadwerkelijk wordt gerealiseerd voor inwoners.
Het aanpakken van armoede kun je als gemeente niet alleen. Daarom zoeken we de samenwerking met andere partijen op om tot een integrale oplossing te komen. Onze adviseurs hebben opdrachtgevers in het verleden geholpen met ondersteuning voor gedupeerden van de toeslagenaffaire, van wie velen in armoede leven. Ook dragen we bij aan het verlagen van energiearmoede.
Armoede in cijfers
- Volgens het CBS leefden 540.000 mensen onder de armoedegrens in 2023 (3,1%).
- 1,2 miljoen mensen had een inkomen net boven de armoedegrens en weinig tot geen spaargeld. CBS, Nibud en SCP noemen deze situatie ‘weinig beter dan armoede’.
- In 2023 groeide 115.000 kinderen (3,6%) op in een gezin dat onder de armoedegrens leefde.
- 1 op de 3 mensen in armoede was langdurig arm.
- 750.000 Nederlandse huishoudens hebben problematische schulden.
- 1,8% van de werkende mensen in Nederland leeft in armoede.
- 1 op de 5 volwassenen kampt met verzorgingsarmoede. We spreken van verzorgingsarmoede als iemand in het afgelopen jaar soms of vaak geen geld had om verzorgingsproducten te kopen.